Voordrachten en exposities

  • Voordrachten in 2009
    Midzomerschans, Texel / Presentatie jubileumuitgave Galerie Rien v.d. Nat, Leiden / Meer woorden meer kleuren, Utrecht / Opspraak, Nieuwegein / Poëzie ten huize van, Gouda / Lang leve de liefde, Voorburg / Presentatie OBA-bundel, Amsterdam / Gedichtendag, Boekhandel Verwijs, Den Haag
    Exposities 2008-2009
    De poëzie van Scheveningen, Muzee / PoëzieLeesRoute, Muurhuizen, Amersfoort / Regina Coeli, Vught / Lezenaar centrum Den Burg, Texel
    Voordrachten in 2008
    Boekhandel Verwijs, Den Haag / World Art Delft / Hike Poetry, Zoetermeer / Humanistisch café, Den Haag / Ongehoord Rotterdam / Midzomerschans, Texel / Prijsuitreiking Hernehim, Amsterdam / Poëzie kleurt Geel (Vlaanderen) / De Spelevaert, Zoetermeer / VVAO, Den Haag / Alex ontvangt, Den Haag / OBA, Amsterdam
web-log.nl, powered by TypePad

Sonnet3 Van harte welkom!

Op de gedichten rust copyright. Graag overleg als u iets wilt overnemen. Rechts onderaan staat een link naar mijn e-mailadres.

Bericht van Texel

Lezenaar_7 Ha Edith,

Ik stuur je hierbij een paar foto's van de plaats waar sinds een paar weken jouw gedicht "Cirkel" te lezen is. Van Anna heb je wel gehoord dat op Texel, in het centrum van Den Burg, de bedoelde lezenaar staat. Zo krijg je een indruk van deze plek. Een van de foto's is gemaakt van de lezenaar met op de achtergrond twee bankgebouwen met daartussen de expositieruimte die voor kunstenaars beschikbaar is. De andere foto is vanaf het gemeentehuis gemaakt. Ook is het krantenartikel van de Texelse Courant bijgevoegd, waarin aangekondigd staat dat jouw gedicht is geplaatst.
Dank en een hartelijke groet,

Download texelse_courant.pdf

Lezenaar_texel_1

Lezenaar_texel_2

Geen gedicht, wel...

Nee, geen nieuw gedicht. Ik maak af en toe nog wel eens wat, maar heb ze soms voor andere doelen nodig. Voor de meeste wedstrijden bijvoorbeeld wordt werk gevraagd dat nog niet gepubliceerd is, ook niet op internet. Begrijpelijk, maar het beperkt nogal.

Over wedstrijden gesproken: onlangs is de Dagkalender van de poëzie 2010 van Meulenhoff uitgekomen. Op het blaadje van 12 mei staat een bijdrage van mij.

Om het gebrek aan nieuw werk een beetje goed te maken, iets over mijn andere werk. Regelmatig word ik 'ingehuurd' als schrijfcoach bij 'Haagse Herinneringen', een project van de Openbare Bibliotheek Den Haag en het Haags Gemeentearchief. Leuk en boeiend werk. Het project heeft sinds kort een website waar de meeste projecten die er tot nu toe zijn geweest uitgebreid aan de orde komen. Aanbevolen!

Aan_het_werk_verhalentafel_ind_ned_ (verhalentafel Indische Nederlanders, voorjaar 2009; naast mij de intussen overleden Rob van Meerten, die op onderkoelde en humoristische wijze een aantal schrijnende jeugdherinneringen optekende)

Nachtschwester - Nachtzuster

Nachtschwester


Der Tag hat seinen Rhythmus, braucht nicht eilen:
Blutdruck, Waschen, Fieber messen. Besuch
bringt Trauben mit und manchmal auch ein Buch;
bleibt ungeöffnet. Trauben kann man teilen.

Wenn man schon leidet, leidet man mit vielen.
Der Witzbold rechts gebärt sich humorvoll
und treibt es mit der Hose richtig toll,
so wie man sieht in Pieter Bruegel-Spielen.

Doch jetzt die Nacht. Da man sich unbedingt
dem Schein-Koma der Pille widersetzt,
wühlt man sich müde, spürt im Körper Brand.

Dort schnarcht einer; hier - alt und gebrechlich - klingt
das Stöhnen des Herrn Müller und stockt jetzt.
„Schickt nach dem Fiedler!“ Da ist ihre Hand.


vertaling door Hans van der Veen van:

Nachtzuster


De dag heeft dan nog steun aan rituelen:
tempen, wassen, bloeddruk. Het bezoek
brengt trosjes druiven mee en soms een boek
dat dicht zal blijven. Druiven kun je delen.

Als je al lijdt, dan lijd je toch met velen.
De grapjas in het bed rechts in de hoek
doet weer iets reuze komisch met zijn broek;
je reinste Pieter Bruegel-taferelen.

Maar nu de nacht. Omdat je hebt gekozen
tegen het semi-coma van een pil
lig je te woelen, heel je lijf in brand.

Daar snurkt er een; hier ligt de oude broze
meneer van Dam te kreunen, is dan stil.
Send in the rouwclowns. Dan is er haar hand.


(Nachtzuster won in 2003 de eerste prijs in de Nacht van het Sonnet in Amsterdam, met in de jury Ike Cialona, Enno Endt, Jean Pierre Rawie, Patty Scholten en Peter Verstegen)

Over de vertaler: Hans van der Veen (Leeuwarden 1947) is leraar Duits te Leiden. Hij heeft eerder gedichten vertaald van Inge van den Broek en Agnes Poortier–Schellekens. Daarnaast schrijft hij gedichten, prozastukjes en gelegenheidsliederen, die hij ook ten gehore brengt. Voor zijn leerlingen bedacht hij een aantal rapjes, waarin grammaticale problemen van het Duits kort worden uitgelegd.
Over deze vertaling schreef hij: "Met 'send in the rouwclowns' had ik de grootste moeite. Heb daar gekozen voor de middeleeuwse fiedelaar, die bij begrafenissen èn bruiloften werd opgeroepen. Het heeft iets archaïsch, maar daardoor ook iets tijdloos. De oproep is er niet minder apart en krachtig door geworden..."

de taal komt hun te hulp



de kier in de gordijnen
verraadt zodra het licht wordt
welke kant het op gaat

hoe dan ook wordt koffie gezet
ontbijt gemaakt
een was gedraaid

maar wat de kier laat zien
bepaalt de geur, de smaak
en of er wordt gezongen

vandaag geen noot te horen

blauwe druifjes, probeert ze
hij proeft, knikt
zegt: boterbloemen



ook in een map uitgegeven door Galerie Rien van der Nat, Pieterskerkhof 28 te Leiden in een oplage van 35 exemplaren. Met prenten van Rien van der Nat en gedichten van Tsead Bruinja, Frans Terken, Han Ruijgrok en mezelf. Informatie 071 541 53 57

In_de_bogd_van_den_houc

Hoe het vergaat



Het is een kwestie van ogen.
Gisteren gingen ze waar ze wilden. Klommen in bomen,
volgden een eekhoorn. Vielen dicht als het zo uitkwam.

Het is een kwestie van oren.
Gisteren vingen ze stilte. Hoorden een blad vallen,
een noot kraken. Spitsten zich, speelse muizen.

Het was donker toen de vliegtuigen kwamen.
Het licht had weg moeten blijven. Hoe dom is de zon,
hoe zwart een blinddoek. Hoe doof kun je je maken.


ook in de Dagkalender van de poëzie 2008

Gedichten schrijven op de Spelevaert

Presentatie_spelevaert In de Kinderboekenweek 2008 heb ik gedichten geschreven met de zesde groep van basisschool De Spelevaert in Zoetermeer. Zo nerveus als ik was vóór het project - workshop- en leservaring heb ik voldoende, maar met negenjarigen had ik nog nooit gewerkt - zo  tevreden was ik erna. Op de website van de gemeente vond ik dit verslag:

Seghwaert, 15 oktober 2008 - Groep zes van basisschool De Spelevaert heeft bezoek gehad van een echte dichteres. De school organiseerde in de Kinderboekenweek workshops in samenwerking met Hike Poetry over poëzie voor jonge dichters.
De kinderen gingen enthousiast aan de slag met Edith de Gilde om onder haar begeleiding gedichten te maken.
Ze liet gedichten horen en voorlezen en gaf de kinderen aanwijzingen hoe een gedicht te maken. Het kon van alles worden en het hoefde echt allemaal niet te rijmen.
Op woensdagavond kwamen de kinderen met hun ouders, broertjes en zusjes op school in de aula bij elkaar om te presenteren. Op het toneel werd uitgelegd wat er allemaal was gedaan en de gemaakte gedichten werden voorgedragen door de makers zelf. Tussen de gedichten door was er muzikale omlijsting op het keyboard en liedjes uit de Kinderboekenweek werden gezongen. Iedereen was onder de indruk van wat de kinderen allemaal hadden gemaakt en van de mooie muzikale prestaties. Badri maakte een mooi gedicht:

Ik kan niet zonder haar
Ze is klein en schattig als een poesje
Ze speelt en trekt vaak aan mijn haar
Maar geeft me weleens een kusje
Ze gooit mijn spullen hier en daar
Toch blijft ze zo lekker als een snoepje
Het gaat hier niet om een poesje
Het gaat om mijn kleine zusje
Dat doet mijn zusje echt

eerste liefde



met hem wil ik spelen
dacht ik maar ik deed het niet

zat stil en wist
dat er iets kapot moest

dat al mijn meisjesboeken
me hadden voorgelogen

dat ik prinsen zou beminnen
met butsen en builen

die dag was ik zo oud
als ik jong was

mijn in zichzelf verzonken prins
ontging het


met een kort interview ook te lezen in Meander 352

Paleis Lange Voorhout



Grijs stenen blok staat ingeklemd
tussen sjieke, slaperige buren.
Het gouden, iel balkon hangt er wat wuft
en overbodig bij. Niemand wuift nog.

De lijnen van het trappenhuis zijn rond
als het compacte lijf van wie er woonde.
Het heerste harder, killer ook dan zij:
koninklijke kooi. Geen ontsnappen aan.

Of even, soms? De lift, haar privilege?
Bedienden op de kale achtertrappen
zorgvuldig uit het zicht gehouden.
Zie onze huid. Hierbinnen ons bestaan.



ook te lezen in de bundel Poëzie op Pootjes 2

Gedicht_op_tv_3_3

anatomie

Yogaknoopklein_2










wie zo zijn glimlach toont
zijn duimen vertrouwt
en juicht met zijn voeten


wie zo doorzichtig is
fladderen een makkie vindt
en tellen onzin

wie zo zijn brokken bij elkaar houdt
oefent zich een leven lang
in licht


was - met negen andere gedichten - te bekijken op de PoëzieLeesRoute in Amersfoort in mei 2009 en van juni t/m augustus 2009 bij Regina Coeli in Vught

Heesterbuurt



als daar - die adelaar - zijn vleugels van cement
zou uitslaan en de voortuin zou verlaten
en hoog boven de auto's vliegen

als daar - dat lavalampje in de vensterbank -
ging borrelen en stulpen en uitstromen
over de grijze tegels van de straat

als daar - die luipaardlampenkap - als die
zijn poten zou strekken, zijn kop oprichten
door de kleine ruiten breken

wat zou de zwarte krantenman dan doen?

hij zou hoog op een olifant tronen
en heersen over de Meidoornstraat


ook in de Dagkalender van de poëzie 2007 en de bundel 'Van het Oosterdok 2008', OBA, Amsterdam

Over negen maanden...

Lippi



Fra Filippo Lippi, Annunciatie (Florence)




annunciatie


het zal je maar gebeuren
leef je gewoon je meisjesleven
knielt er ineens een engel aan je deur
je draait je lichaam
heft handen in afweer
vindt elke vluchtweg afgesneden -
het goed is al geschied
en jij krijgt het te dragen

Pip en Francis

Goede voorstelling gezien in het Haagse Gemeentemuseum. Acteur Pip Utton wekte Francis Bacon bekwaam tot leven. Sinds het eerste schilderij dat ik van Bacon zag ben ik weg van zijn werk. Dit is een van zijn laatste schilderijen, een onvoltooid zelfportret.


Bacon 







zelfportret


denk niet dat je mij hier ziet
al schilder ik altijd mezelf
wie kruipt in mijn afwezige armen
zijn hoofd legt op mijn stugge schouder
ik ben het, ben het altijd zelf
mijn verloren vriend, mijn trieste minnaar
de bange vader, het geslagen kind
wie ik schilder ben ik altijd zelf
maar denk niet dat je mij hier ziet
al ben ik hier volledig en voorgoed

onvertaalbaar ollekebolleke


alle vertalingen
(c’est-ce qu’on dit bien souvent)
schieten altijd te kort
dat is niet gek

ich möchte sprechen von
onoverzetbaarbeid
een germanisme, ja
so, what the heck?

bevestiging


Oude Gracht. nog volop zon. vanaf de brug
gooit een marktkoopman zijn laatste bloemen
naar vier jongens in een waterfiets
die ze met gejuich ontvangen

poëzie is een daad

Bestond Barbarber nog maar


1


         Mededeling!!

De huismeester is afwezig van Maandag
25-9-2006 T/M Vrijdag 13-10-2006.

Mijn werkzaamheden worden
Waargenomen door de firma Effectief.

Vriendelijke groeten,


2


NIETS OPZETTEN!


KWETSBAAR BEELD


DANK V

naaldhakken

klikklikklik (op de afbeelding)



Naaldhakken_1



wat wil je voor je verjaardag?


ehhmmm…

dromen over appelschimmels

die draven op de rode aarde

dan vleugels krijgen en vanuit de lucht

jouw hemellichaam zien

misschien voorzichtig dichterbij

met zachte handen pleisters plakken

je peenhaar zoenen en dan rrroettsssjjj

de winter in



(voor Clara, die vandaag jarig is)

Leda



oog in puilend vogeloog:
de oppergod op missie

zwanen blijven trouw
heeft ze gedacht

mooi dat ze later
- haar geile god gevlogen -
alleen op de eieren zat


Ps_200630 beeld: Fernando Botero


foto: Marijke Jansen

verloop



iets was er
iets was er altijd
altijd was er
iets waar je niet bij kon

niets was er
niets wat je doen kon
en ergens daartussen
zat jij en je wachtte
en je wachtte op iets

en je zat en je wachtte
en jij was het wachten
je zat en je wachtte
je wachtte op iets


ook in de Dagkalender van de Poëzie 2006

ik stelde...


ik stelde in gedachten
uit de minnaars van mijn leven
de ideale minnaar samen

van een nam ik de warmte in zijn ogen
het welkom in zijn armen
en van jou...

van een de lust waarmee hij vrijde
zijn lijf, zijn geur, zijn stem
en van jou...

van een de troost als ik die nodig had
de ruimte om te ademen
en van jou...

van een nam ik zijn fantasie
het altijd onverwachte
en van jou...

van jou neem ik alles
en alles en alles

en meer en meer en meer

zestig plus?

Ik mag me geen vijftigplusser meer noemen, tenzij je er een extra grote plus van maakt. Maar aan een gedicht dat 'zestig +'  heet ben ik nog niet begonnen. Veel valt er wat mij betreft niet over te melden. Dat ouder worden zo zijn voordelen heeft: wie in deze fase verkeert weet dat wel en wie er niet in zit kan het zich niet voorstellen. Ik laat het maar bij dat moment van onherroepelijke ommekeer.


vijftig +


plotseling en onomkeerbaar weten
dat de zwaartekracht het winnen gaat
oogleden, borsten, ruggengraat
zijn al op weg gegaan
eindbestemming de omhelzing
van alomvattend donker
halteplaatsen onbekend

zoals


zoals je een kruimige aardappel eet

(je proeft hem, kauwt en slikt
kronkelwormig reist hij naar je maag
je sappen werken op hem in
door je darmwand glipt hij in je bloed
dringt je cellen binnen
laat zich daar verbranden)

lees me zo

storm

Buiten en binnenin me  stormt het. Raketten vallen op kinderen. Een vriendin ging dood. Andere dierbaren zijn ernstig ziek. Hoe zou het zijn geweest in een tijd die minstens zo hard en wreed was als de onze, maar nog geschraagd werd door een onwankelbaar geloof in de samenhang van alle dingen?


Suite in B mineur


Zoals de zee de lucht kan spiegelen
Het kalme blauw, het zijden oppervlak
In een bedrieglijk spel van harmonie
Alsof er nooit een booreiland

Zoals de bruine ogen van mijn lief
Hun warmte konden laten schijnen
In een veilig huis van altijd duren
Alsof er nooit een ziekte, nooit de dood

Zoals het wad zich vult en droogvalt
En zich weer vult; zoals het dorp
De zomergasten al verwacht
Als er nog sneeuw ligt op de daken

Zo deze klanken, die zich hoog verheffen
Boven elke twijfel, alle pijn
En in geloof dat ik niet meer kan delen
Getuigen dat ze eeuwig, dat ze eeuwig zijn


(op basis van de ouverture van Suite nr. 2 van J.S. Bach)

and the winner is...

Op het dak van mijn poppen-penthouse op de achtste etage zit een man te boren en te timmeren. Groot onderhoud. Op mijn terras freest een andere man voegen uit. Het stof vliegt om zijn oren. Links van mijn flatgebouw, waar een trapveldje lag, worden huizen gebouwd. Boink, boink. Rechts ligt een plantsoen, waarlangs bomen worden omgezaagd omdat mijn oude vertrouwde tramlijn 3 plaats moet maken voor de Randstadrail uit Zoetermeer. Mijn achttienjarige kat en ik zien en horen het aan. Zij verbergt zich in een hoekje van de kamer. Ik kijk of er op een koele plek nog een plaatsje is voor een tuinstoel zonder dat ik de mannen hinder of zij mij. Dan, om een uur of twee, wordt het stil. Overal. Voor de rest van de dag heeft de hitte gewonnen. Even later steekt er een verkoelend windje op. Om het te vieren.


aardevaart


die arm die uit je mouw steekt
katoen en huid dezelfde kleur
-je bent al wat gebronsd-

werk jij maar door, gestaag
zoals je doet, zoals je moet
bestorm je hemel, zet je af

laat mij maar zitten hier
maar kijken naar het stof
dat stof zal worden, weten

dat er nooit meer zal zijn:
die arm die uit je mouw steekt
dat dit voldoende is

Dag Marion

Op dinsdagavond 18 juli 2006 is Marion Schiphorst na een ziekbed van enkele maanden in rust en overgave overleden. Ze was een bijzonder mens. Nuchter, realistisch. Ze was net twee jaar met de VUT en had het enorm naar haar zin toen de ziekte toesloeg. Zonder één woord van zelfbeklag liet ze haar oude leven, haar leuke huis, haar schitterende kleine tuin, haar foto's, alles waarmee ze bezig was, achter en aanvaardde haar nieuwe situatie.
Toen ik in april een paasgedichtje schreef, sloop zij - geen gedichtenmens - daar ongemerkt in. Ik was zoals heel velen graag nog heel lang met haar bevriend gebleven. In plaats daarvan denk ik nu met bewondering en genegenheid aan een leven dat zoveel andere positief heeft aangeraakt. En ik mis haar.


dag prachtmens *


opstandig was hij heel zijn leven
dat lege graf die derde dag
was te verwachten

jij legt je neer
bij wat moet komen
geen vader roep je aan

zo zal ik je behouden
als je bent gegaan


* uit de hertaling van de Mattheus Passie door Jan Rot

Kathinka van Dorp

In 1994 volgde ik op Terschelling een korte cursus poëzie schrijven bij Kathinka van Dorp. Tijdens de drie dagen daar had ik wel eens de neiging me af te zetten tegen de fanatieke werkkracht die Kathinka eigen was en één keer hebben Clara Venema, die met idee van de cursus was gekomen, en ik het warme lokaal gelaten voor wat het was en zijn het eiland gaan verkennen. In de jaren die volgden merkte ik dat ik toch heel wat van de cursus had meegepikt. We hielden contact.
In 2000 overleed Kathina, 50 jaar oud, aan een hersenbloeding. Een aantal oud-leerlingen organiseerde in 'haar' Tropenmuseum een avond waarin we in memoriams voor Kathinka schreven. Ik schreef 'besef' en publiceerde dat later in Meander. Een aantal maanden geleden kreeg ik een e-mail van de redactie van het magazine van de vereniging Mundikat. Zij gingen een special maken over rode katten en wilden het gedicht graag in dat nummer publiceren. Van de roodharige Kathinka naar een rode katten-special. Ze zou er de humor van hebben gezien.


besef
kathinka 1950-2000


de rode kat heeft in zijn staart gebeten
draait rondjes om zichzelf
weet niet wat zijn begin is
en zijn einde

de rode kat
met geur van heiligheid
omhangen wij hem

de rode kat
leeft altijd nu
leeft altijd

Maja van Hall

Filosloof2_3 Op 13 juli 2006 was Maja van Hall te gast in de serie Borrel en Praat in de Haagse Pulchri Studio. Ze vertelde over daar tentoongestelde beelden en werken op papier van haar hand. Haar beeld 'Filosloof', hiernaast afgebeeld, was in 2003 onderdeel van de jaarlijkse openluchttentoonstelling 'Den Haag Schulptuur'. Het onderstaande is door dit beeld geïnspireerd. De foto hiernaast heb ik van Maja gekregen.


far from heaven


op mij komt het nu aan want
moeder ben ik vrouw ik knijp
mijn handen dicht de trouwring
snijdt een afdruk in mijn vlees ik zet
de mond tegen de vloer ik zuig
het universum schoon bewoon
de muren met mijn spiedend oog ik zal

Crisis


Hangen wij het woord nog aan de wilgen
als het zo doorgaat
Eten wij de hete brij als warme broodjes, draaien
om de wilde spinnen heen omdat
wij door de bomen niet het hart meer
Pompen wij vergeefs een liter moed
en zitten op de zure blaren 
aan een strand waarlangs geen weg terug
of heen voert en wij
in het oog van de paniek
cirkelen cirkelen cirkelen


ook in tijdschrift Schrijven, februari-maart 2006

maar nog niet gebroken


zo begint hij:
als jeuk tussen je wenkbrauwen
een steek in je teen
een blauwe plek die niet meer weggaat

stil word je en trager
zacht! zacht, laat hem niet groeien

maar je wordt afgeleid, vergeet
op hem te letten, een mens
moet af en toe zijn ogen sluiten

en je plamuurt en verft
en wacht in wanhoop
en wacht
wacht


nominatie wedstrijd Glas en poëzie 8 juli 2006

Bakterion

Museum4

Bakterion heb ik geschreven in opdracht van het ministerie van BZK. Het gaat over een hardnekkig misverstand in de horecawereld: de Arbowet schrijft in horecakeukens stroeve vloeren voor, terwijl ze volgens Europese hygiënebepalingen glad zouden moeten zijn. In werkelijkheid wordt alleen voorgeschreven dat vloeren goed schoongehouden en ontsmet moeten kunnen worden. Ik bekeek de zaak vanuit het wezen zonder wie het misverstand niet zou bestaan en dat terdege doordrongen blijkt te zijn van zijn belangrijke positie.

Het gedicht maakt samen met een groot aantal (beeldende) kunstwerken deel uit van het Museum voor overbodig beleid. In dit 'Museum' worden tegenstrijdige en achterhaalde beleidsbepalingen beschreven, naast misverstanden zoals dat hierboven. Bij elk onderwerp is een passend kunstwerk gemaakt of uitgezocht. De tentoonstelling die samen met een website het Museum vormt, is te zien op plaatsen waar beleid wordt gemaakt.


BAKTERION


Men dicht mij geen bewustzijn toe.
Men heeft het mis. Ik weet
waartoe ik ben bestemd. In deze keuken
hoor ik thuis. Men noemt mij immers kok?

Mijn broeders Schroef en Staaf en ik,
wij maken en wij breken u. Bestrijdt u ons,
wij weren ons, muteren. Wij zijn een deel van u.

Splijtzwam ben ik. Maak uw vloeren
glad en u valt op uw neus.
Maak stroef die vloer en ik verschans mij.
Wanneer zult u het leren? Ik ben u.

Fragment

Fragment_3 ‘Fragment’ heb ik gemaakt nadat ik op een dag een verkreukeld en verscheurd stukje van een brief had gevonden dat tegen mijn voordeur was aangewaaid. Wie zou de brief eerst tot een prop hebben verkreukeld, daarna weer gladgestreken en vervolgens toch maar verscheurd en aan de wind prijsgegeven? De schrijver/schrijfster of de geadresseerde? Of was het verkreukelen het werk geweest van de eerstgenoemde en het verscheuren dat van de tweede? Hoe dan ook, ook als er eerst verscheurd en daarna verkreukeld was, het was duidelijk dat hier Emoties met een grote E aan het werk waren geweest. Emoties die ik zoveel jaar geleden allemaal had opgekropt. Zelfs geen dagboek kwam er toen aan te pas, want je wist maar nooit wie dat nog eens in handen zou krijgen…



FRAGMENT

Een klein cadeau vandaag. De felle wind
legde een snipper in mijn voorportaal;
verkreukeld stukje uit een oud verhaal,
jong handschrift, bijna nog dat van een kind.

Het heeft, lees ik erin, vergeefs bemind.
'Waarom', ontcijfer ik uit krabbelhaal;
'Je hield' en 'doorgaan'. Brabbeltaal,
maar zacht gekwetst en triest van tint.

En ik herinner me het kind van lang
geleden dat haar liefde voor zich hield,
te groen en te verlegen en te bang.

Een andere spijt misschien, dezelfde drang.
Ik kan niet weten wat haar heeft bezield:
haar pril begin, mijn veel te late zang.

Spiegel



Andreus opgeslagen:

De andere gezichten zijn moeilijk

te geloven

Geloofde hij de spiegel meer?

Te veel zag hij 

hij sloeg hem stuk

Ik alleen woon in mijn huid,

de ander is iets wat ik aanneem

Ik ben iets wat de ander aanneemt,

neem ik aan

En de spiegel?

De spiegel liegt mij

De dichter die zich blootschrijft

laat mij mezelf zien

zoals alleen de ander kan



ook in: Tegen beter weten in 7, bundel behorend bij de VU Podium Poëzieprijs 2006

hoe...


hoe het was begonnen wisten we niet
de woensdagen bleven maar komen
vaker en vaker en niemand begreep het
al deed de minister alsof maar ook hij
wist niet waar de knop zat

en de woensdagen raakten losser en losser
dinsdagen hadden er niets mee van doen en
donderdag wist zich geen raad
treinen bevroren vliegtuigen ontspoorden
er kwamen nog wolkjes uit monden
maar geen enkel goed woord

kinderen kenden de waarheid als altijd
maar ook zij willen warmte en warmte was weg
en plotseling bleven de woensdagen weg
en toen pas, toen pas



eervolle vermelding poëziewedstrijd stad Oostende, 2006

Bio

Neem inhoud van deze site over (XML)